Temperatuur

Een goede omgevingstemperatuur is belangrijk voor bidsprinkhanen. Zij kunnen zichzelf namelijk niet warm maken, zoals bijvoorbeeld zoogdieren dat kunnen. Alle warmte nemen ze dus op van de omgeving.

Elk soort heeft andere wensen qua temperatuur, dit ligt aan het gebied waar het soort vandaan komt. Sommige soorten zijn prima te houden op kamertemperatuur, maar veel hebben extra verwarming nodig. Dit kan je doen met een warmtelamp of gloeilamp of met een warmtematje. Zorg ervoor dat de bidsprinkhaan zich niet kan verbranden aan de lamp. Het warmtematje kan je het beste aan de zijkant van het hok bevestigen, zodat er een warmtegradiënt ontstaat. Het dier kan dan zelf kiezen waar hij zich het prettigst voelt. Warmte via de onderkant is af te raden, omdat de bodembedekking dan snel uitdroogt.

Het beste is het hok met verwarming een paar dagen proef te laten draaien zonder er een dier in te houden. Je kan dan steeds checken of de temperatuur niet te hoog wordt.

Als je een bidsprinkhaan kouder houdt, zal hij langzamer bewegen en trager ontwikkelen, maar uiteindelijk vaak wel langer leven. Het werkt ook andersom; een bidsprinkhaan die warmer gehouden wordt ontwikkeld sneller en is vaak actiever, maar leeft vaak ook korter.

hymenopuscoronatus4

Orchidee bidsprinkhaan Hymenopus coronatus

Lees verder over dit onderwerp

Vorige pagina: Problemen
Volgende pagina: Voedsel